- Inhoud
- Geheiligd&Gereinigd
- bekeer u, en geloof het Evangelie.
- Wees heilig, want Ik ben heilig.
- Ik ben de HEERE, Die u heiligt
- laten wij onszelf reinigen
- nu ons hart gereinigd is van een slecht geweten
- wandelen in het licht
- in de duisternis wandelen
U word opgeroepen om Geheiligd&Gereinigd te zijn, zoek daarom eerst het Koninkrijk van God en Zijn gerechtigheid,
en al deze dingen zullen u erbij gegeven G4369 worden.
π naardensebijbel Efz 1:4 π Ja, in hem heeft hij ons uitverkoren al voor de grondlegging der wereld
om geheiligd en gereinigd voor hem te staan.
Bent u wel Geheiligd&Gereinigd. Of weet u niet dat onrechtvaardigen het Koninkrijk van God niet zullen beΓ«rven?
1 kor 6:11 Sommigen van u zijn dat wel geweest, maar u bent schoongewassen, maar u bent geheiligd, maar u bent gerechtvaardigd,
in de Naam van de Heere Jezus en door de Geest van onze God.
Jud 1:1 Judas, een dienstknecht van Jezus Christus en broer van Jakobus, aan de geroepenen, die door God de Vader zijn geheiligd en die door Jezus Christus worden bewaard. G5083
Mat 28:19 ……Hun lerend alles wat Ik u geboden heb, in acht G5083 te nemen.
Hebr 10:22 laten wij tot Hem naderen met een waarachtig hart, in volle zekerheid van het geloof, nu ons hart gereinigd is van een slecht geweten …
Opb 19:7 Laten wij blij zijn en ons verheugen en Hem de heerlijkheid geven, want de bruiloft van het Lam is gekomen en Zijn vrouw(zij die Geheiligd&Gereinigd zijn) heeft zich gereedgemaakt.
8 En het is haar gegeven zich met smetteloos en blinkend fijn linnen te kleden, want dit fijne linnen zijn de gerechtigheden van de heiligen.
π Mark 1:15 π en Hij zei: De tijd is vervuld en het Koninkrijk van God is nabijgekomen; bekeer u en geloof het Evangelie.
π Hand.19.4 π Maar Paulus zei: Johannes doopte wel een doop G908 van bekering.
Maar hij zei ook tegen het volk dat zij moesten geloven in Hem Die na hem kwam. Dat is in Christus Jezus,
π Hand.20.21 π en ik heb zowel tegenover Joden als Grieken getuigd van de bekering tot God. En het geloof in onze Heere Jezus Christus.
Opb 22:11 Wie onrecht doet, laat hij nog meer onrecht doen.
En wie vuil is, laat hij nog vuiler worden.
En wie rechtvaardig is, laat hij nog meer gerechtvaardigd worden.
En wie heilig is, laat hij nog meer geheiligd worden.
1 kor 6:9 Of weet u niet dat onrechtvaardigen het Koninkrijk van God niet zullen beΓ«rven?
π Joh 17:17 π Heilig hen door Uw waarheid; Uw woord is de waarheid
π 1 Thes 4:3 π Want dit is de wil van God: uw heiliging, dat u uzelf onthoudt van de ontucht,
π 1 Tim 1:9 π …de wet is bestemd voor wettelozen en voor onheiligen en onreinen, …
π Hebr 10:14 π Want met één offer heeft Hij hen die geheiligd worden, tot in eeuwigheid volmaakt.
π Heb 12:14 π Jaag de vrede na met allen, en de heiliging, zonder welke niemand de Heere zal zien.
π 1 Pet 1:15 π Maar zoals Hij Die u geroepen heeft, heilig is, word zo ook zelf heilig in heel uw levenswandel,
π 1 Pet 1:16 π want er staat geschreven Wees heilig, want Ik ben heilig.
π 1 Pet 2:9 π Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, β¦
π Gen 2:3 π En God zegende de zevende dag en heiligde H6942 die, want daarop rustte Hij van al Zijn werk, dat God schiep door het te maken.
π Exo 2: 13 π Heilig H6942 voor Mij alle eerstgeborenen. Alles wat de baarmoeder opent onder de IsraΓ«lieten, van de mensen en van het vee, dat behoort Mij toe.
π Exo 19:10 π En de HEERE zei tegen Mozes: Ga naar het volk toe, en heilig H6942 hen vandaag en morgen, en laten zij hun kleren wassen
laten zij hun kleren wassen Dit is de doop van Johannes met water
π Exo 19:22 π Ook de priesters, die tot de HEERE naderen, moeten zich heiligen H6942; anders zal de toorn van de HEERE over hen losbarsten.
π Exo 20:8 π Gedenk de sabbatdag, dat u die heiligt. H6942
π Lev 20:8 π Houd Mijn verordeningen en doe ze. Ik ben de HEERE, Die u heiligt π H6942 π
Ik ben de HEERE Die u heiligt Dat is de doop in de naam van de vader
π Eze 37:28 π Dan zullen de heidenvolken weten dat Ik de HEERE ben, die IsraΓ«l heiligt. H6942
Wanneer Mijn heiligdom voor eeuwig in hun midden zal zijn.
2 KOR 7:1 Omdat wij dan deze beloften hebben, geliefden.
laten wij onszelf reinigen van alle bezoedeling van vlees en geest, en de heiliging volbrengen in het vrezen van God.
π 1 Joh 3:3 π ieder die deze hoop op Hem heeft, reinigt zich, zoals Hij rein is.
2 Tim 2:15 Beijver u om uzelf welbeproefd voor God te stellen.
Als een arbeider die zich niet hoeft te schamen en die het Woord van de waarheid recht snijdt.
16 Maar ontwijk onheilige, inhoudsloze praat. Want zij die dat doen, zullen steeds meer in goddeloosheid toenemen.
π Num 19:20 π Wie daarentegen onrein is en zich niet ontzondigt, die persoon moet uit het midden van de gemeente uitgeroeid worden.
Want hij heeft het heiligdom van de HEERE verontreinigd, het reinigingswater is niet op hem gesprenkeld: hij is onrein.
π 1 Joh 3:3 π ieder die deze hoop op Hem heeft, reinigt zich, zoals Hij rein is.
π 2 Tim 2:21 π Als iemand zich dan van deze dingen reinigt, zal hij een voorwerp zijn voor eervol gebruik.
Geheiligd en van veel nut voor de Heere, voor elk goed werk gereedgemaakt.
π Hebr 10:22 π laten wij tot Hem naderen met een waarachtig hart, in volle zekerheid van het geloof,
nu ons hart gereinigd is van een slecht geweten …
π Hebr 10:26 π Want als wij willens en wetens zondigen, nadat wij de kennis van de waarheid ontvangen hebben,
blijft er geen slachtoffer voor de zonden meer over,….
π Hebr 10:29 π Hoeveel te zwaarder straf, denkt u, zal hij waard geacht worden die de Zoon van God vertrapt heeft en het bloed van het verbond, waardoor hij geheiligd was, onrein geacht heeft en de Geest van de genade gesmaad heeft?
π 1 Joh 1:6 π Als wij zeggen dat wij gemeenschap met Hem hebben en wij toch in de duisternis wandelen, liegen wij en doen de waarheid niet.
7 Maar als wij in het licht wandelen, zoals Hij in het licht is, hebben wij gemeenschap met elkaar, en het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde.
π Efe 5:8 π Want u was voorheen duisternis, maar nu bent u licht in de Heere; wandel als kinderen van het licht
π 1 Joh 2:6 π Wie zegt in Hem te blijven, moet ook zelf zo wandelen als Hij gewandeld heeft.
π Kol 1:10 π zodat u wandelt op een wijze de Heere waardig, Hem in alles behaagt, in elk goed werk vrucht draagt en groeit in de kennis van God,
π Opb 21:24 π En de naties die zalig worden, zullen in haar licht wandelen, en de koningen van de aarde brengen hun heerlijkheid en eer erin.
π Gal 5:25 π Als wij door de Geest leven, laten wij dan ook door de Geest wandelen.
π Rom 8:1 π Dus is er nu geen verdoemenis voor hen die in Christus Jezus zijn, die niet naar het vlees wandelen, maar naar de Geest.
4 opdat de rechtvaardige eis van de wet vervuld zou worden in ons, die niet naar het vlees wandelen, maar naar de Geest.
π Joh 8:12 π Jezus dan sprak opnieuw tot hen en zei: Ik ben het Licht der wereld; wie Mij volgt, zal beslist niet in de duisternis wandelen, maar zal het licht van het leven hebben.
π 1 Joh 1:6 π Als wij zeggen dat wij gemeenschap met Hem hebben en wij toch in de duisternis wandelen, liegen wij en doen de waarheid niet.
π 1 Joh 2:6 π Wie zegt in Hem te blijven, moet ook zelf zo wandelen als Hij gewandeld heeft.
π 1 Joh 2:11 π Maar wie zijn broeder haat, is in de duisternis en wandelt in de duisternis, en weet niet waar hij heen gaat, omdat de duisternis zijn ogen verblind heeft.
π Rom 13:13 π Laten wij, als op klaarlichte dag, op een gepaste wijze wandelen, niet in zwelgpartijen en dronkenschappen, niet in slaapkamers en losbandigheden, niet in ruzie en afgunst.
π 2 Kor 4:2 π Integendeel, wij hebben de schandelijke, verborgen praktijken verworpen;
wij wandelen niet in bedrog en vervalsen ook niet het Woord van God,
maar door het openbaar maken van de waarheid bevelen wij onszelf aan bij elk menselijk geweten,
in de tegenwoordigheid van God.